Dezelfde positie kan bij de ene spelsoort een punt en bij de andere een misser opleveren. Bepaal eerst het spel voordat je moyennes of trainingsdoelen overneemt.
De gedeelde basis
Met drie ballen raakt de eigen speelbal beide aanspeelballen. Een geldige carambole telt één punt. Libre vereist geen minimumaantal banden, maar heeft gereglementeerde hoekgebieden; vrij betekent niet overal zonder beperking.
Twee soorten voorwaarden
Bandstoten en driebanden vragen minstens één of drie bandcontacten van de speelbal vóór de tweede aanspeelbal. Kader volgt het vak van beide aanspeelballen: uitgang bij de tweede stoot in .2, bij de eerste in .1. Ankers voegen kleine vakken bij lijnuiteinden toe.
Test een denkbeeldige volgorde
Buiten de acquitstoot: eerste bal → één band → tweede bal, zonder andere fout en buiten beperkte zones. Het aantal banden past bij libre en bandstoten, niet bij driebanden. Bij kader moet je ook de beginstatus en vereiste uitgang kennen. Dit is een regelvoorbeeld, geen gemeten stoot.
Andere regels blijven apart
Japans vierbal gebruikt NBA-regels, niet automatisch elke Koreaanse 4구-clubregel. Artistiek en kegelspellen hebben eigen figuren of puntentellingen. Alleen meer banden toevoegen definieert ze niet. Kies op beschikbare competities en leerdoel, niet een onbewezen ranglijst van moeilijkheid.
Lees verder: Kaderbiljart: 47/2, 71/2 en de verplichte uitgang →